Trots (Dag 3)

Zowel bij Joya de Nicaragua als bij Plasencia valt één ding op. Trots. Trots op de geschiedenis, het land, de fabriek en de mensen en het land. Het land waar de tabak wordt verbouwd. 

Vorige week vroeg een klant me of tabak wordt geteeld op een milieuvriendelijke manier. En dan kom je natuuijk al snel bij een Plasencia terecht. In de winkel is het een verhaal. Hier werd het een belevenis.

Nestor Placensia praat met liefde en vuur over de fabriek maar op het land zag je hem veranderen. Een echte boer die helemaal verknocht is aan zijn land. De teelt. De tabak. De zon. De aarde. Een man die al sinds eind jaren negentig experimenteert met biologische teelt.

En nu na dik twintig jaar het teeltproces zo heeft ingericht dat het biologisch verbouwen van tabak goedkoper is dan de klassieke manier met kunstmest en af en toe bestrijdingsmiddelen. En deze teelt is helemaal circulair.

Alle zintuigen werden gebruikt. Het met de handen voelen hoe de klei is. Het luisteren naar het geluid van tabak. Het zien van de kleuren. En het ruiken van de tabak. Vooral de heerlijke geur van de tabak in de droogschuur zal me bijblijven. Wat heerlijk.

Aan het einde van de middag zaten we in compostbakken te graaien om naar de wormen (de alchemisten) te kijken: van afval iets kostbaars maken. Want dat doen de wormen. Heĺ

En die passie, die trots is zeer aanstekelijk. Daar krijgen we energie van. Energie waarvan jullie als lezer, kennis, vriend, klant (of een combinatie van het voorgaande) in mijn winkel ook de vruchten gaan plukken. Zonder dollen. 

En omdat ik al wat ouder ben en ik al wat moe-er ben en graag wil slapen, sluit ik nu af met een uitspraak van Nestor Plasencia: 'We willen iconen maken, niet nog zomaar een nieuwe lijn sigaren'.